vrijdag 17 september 2010

Face2Face

Het was te verwachten dat zo'n blog meer tijd in beslag zou nemen dan voorzien. Zéker als die dan ook nog eens wordt opgestart aan de vooravond van wat intussen met voorsprong mijn drukste jaar tot dusver is geworden. Enfin: na meer dan een half jaar niks gezegd te hebben -zelfs niet zomaar wat- is het zo zoetjesaan wel weer tijd om dit ding nieuw leven in te blazen, dus daarom hier en nu de plechtige belofte om weer op regelmatige basis iets te posten. 
Zoals om te beginnen, bijvoorbeeld, een update: de eerste vier maanden van 2010 stond létterlijk elk vrij moment in het teken van Bono 50, een rockbiografie in opdracht van uitgeverij Borgerhoff & Lambrights. Zo'n boek zou zich, zo beweerde de hoofdredacteur daar, in een handomdraai laten schrijven. In praktijk kwam er net iets meer bij kijken, maar toch blij dat ik mijn oorspronkelijke reserves aan de kant heb geschoven. Het is waar -en dat vind ik nog steeds, overigens- dat er al een boel U2-boeken beschikbaar zijn, waaronder een paar hele goeie. 
Tegelijk was een boek schrijven sowieso een oude droom, en ééntje waar ik zelf wellicht nooit de eerste stap voor zou hebben gezet. Van sommige dromen is het best dat ze dromen blijven, al was het maar om zo de angst om te mislukken uit de weg te gaan. Ik heb geluk gehad. Het boek heeft massa's media-aandacht gekregen in zowat alle denkbare kranten, haalde tot twee keer toe De Rode Loper én het VTM-journaal, is op letterlijk alle radiozenders aan bod gekomen en was vorige week zelfs nog goed voor een coververhaal bij Télémoustique -de Waalse tegenhanger van HUMO- terwijl het boek niet eens in het Frans is uitgegeven. En ik geef toe: het was tamelijk surrealistisch om na de release een fnac binnen te stappen en daar een hele muur te zien die van boven tot onder met exemplaren van Bono 50 was geplamuurd. Ik was zo onder de indruk dat de foto die ik er -snel-snel, voor iemand me betrapte- van genomen heb voor eeuwig en een dag onscherp zal blijven. Geloof me: het was een beetje om schrik van te krijgen. 
Ook weird: op vakantie in IJsland heel even je gsm opzetten, en in een smsje lezen dat je debuut zomaar op 4 binnen komt in HUMO's boeken top 10. Het is er uiteindelijk zes weken blijven staan, en ik kon me niet eens druk maken over het feit dat ze er al die tijd niet één keer in geslaagd zijn mijn naam juist te spellen.
Vrijwel onmiddellijk nadien ben ik samen met de onvolprezen rockfotograaf Alex Vanhee -inmiddels bijna twintig jaar mijn compagnon de route- begonnen met het uitwerken van een idee waar we in 2005 al onze eerste kladjes voor bij elkaar hadden geschetst: een interviewboek maken zoals er in het Nederlandse taalgebied nooit eerder één was uitgegeven. Het moest een combinatie worden van fantastische beelden, grote namen, hedendaagse vormgeving en - mag ik dat zeggen van mezelf?- goeie, tijdloze interviews. Een roundup van twintig jaar samenwerken, quoi. Uitgeverij Ludion -gespecialiseerd in kunstboeken- was de enige die begreep waar we naartoe wilden, en ons vrijwel volledig carte blanche gaf. Dat wil niet zeggen dat er geen discussies zijn geweest. We wilden duur papier en -uiteraard- meer pagina's dan in eerste instantie was afgesproken. Lettertypes werden aangepast. Foto's gewisseld. Namen geschrapt en toegevoegd. Ik vrees dat ze ons op de duur liever zagen komen dan gaan. Perfectionisme is een ongeneeslijke ziekte, maar ik geef het toe: we hebben flink gemierenneukt bij momenten. Ambetant gedaan. Maar elke discussie, elk gesprek, elke verandering is de moeite waard geweest. Face2Face -de titel verwijst naar de gangbare term in de muziekindustrie voor een gesprek onder vier ogen en stond al op dat eerste kladje, destijds- ziet er geweldig uit. 
Ik durf hier -op deze godvergeten blog die toch haast niemand weet liggen- zelfs te bekennen dat ik een beetje trots ben. Dertig interviews selecteren uit twintig jaar was een hel. Van de eerste twaalf jaar heb ik niks overgehouden, omdat ik nu vind dat ik het vak toen niet beheerste. En uiteindelijk zijn veel namen gesneuveld. Geen Joe Strummer, David Bowie of Spice Girls. Geen Mark Knopfler, Bryan Ferry, Britney Spears of Emmylou Harris. Ook geen Burt Bacharach, al breekt mijn hart als ik daar nu weer bij stil sta. Geen Pink of Norah Jones. Geen Janet Jackson, ook al beschreef ze hoe ze klaar kwam tijdens één van onze gesprekken. Geen Carla Bruni, omdat ze geen foto's wilde laten maken.  Geen Michael Hutchence, Bob Geldof of Bill Wyman van de Rolling Stones. Geen Beck of Björk. De lijst is quasi eindeloos. Haalden de lijst wel: Bruce Springsteen, Nick Cave, Editors, Alanis Morissette, Suzanne Vega, Patti Smith, Metallica, Muse, Coldplay, Radiohead, Foo Fighters, Massive Attack, Faithless, Sigur Ros, Tori Amos, Annie Lennox, Moby, Paul McCartney, Sinead O'Connor, ABBA, Depeche Mode, Simple Minds, Sting, Amy Winehouse, Kraftwerk, Pixies, Lily Allen, Anouk, Placebo en Oasis. Een mooie dwarsdoorsnede van dertig jaar popmuziek, denken we. Rijk zullen we er niet van worden. Dat is ook de bedoeling niet. Maar wat wél cool zou zijn, is dat Face2Face vroeg of laat in handen komt van iemand wiens verbeelding er zodanig door geprikkeld wordt dat hij nadien besluit om zelf rockjournalist te worden. Ik was zelf elf toen ik Enkele Interviews van Marc Didden cadeau kreeg. De gevolgen zijn bekend. 


2 reacties:

  1. Nu niet om melig te doen, maar bij mij waren het interviews van ene BS voor DM die voor de microbe zorgden. Ik ga dus met heel veel plezier Face2Face op mijn nachtkastje laten kamperen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Interviews, naslagwerk....boeit me wel.
    Altijd leuk om lezen.
    Heb zopas tijdens m'n vakantie me verdiept in "off the record" van Serge Simonart, en dat was aangenaam, al was het maar om z'n Morrissey interview.
    Jammer dat Morrissey je Face2Face niet gehaald heeft, hoedanook ik kijk uit naar Oasis, Editors, Sinead O'Connor....en meer.
    There's a light that never goes out!

    BeantwoordenVerwijderen