'Mijn job is onweerstaanbaar zijn'
Mocht Björk ooit op het idee komen om een mariachiplaat te maken, dan is de kans niet denkbeeldig dat het resultaat als The Living Road zou klinken. Met die cd vervoegde de Mexicaans-Canadese Lhasa eerder dit jaar de absolute top van wat men gemakshalve als wereldmuziek omschrijft. Afgelopen zomer sloot ze in stijl het Sfinks-festival af, en dezer dagen doorkruist ze Vlaanderen opnieuw, onder een hartverwarmende belangstelling. 'Zelfs mijn hart klopt op het ritme van een liedje.'
Lhasa de Sela is niet het soort zangeres dat tijdens interviews meteen haar ziel blootlegt. Het duurt even voor ze loskomt, maar onvriendelijk is ze nooit. De zangeres (Amerikaanse moeder, Mexicaanse vader, opgegroeid in Canada) blijkt al bij al verrassend verlegen wanneer we elkaar ontmoeten. Ze is een uur voordien pas in Zaventem geland, en de jetlag houdt haar stevig in zijn greep. We bestellen koffie met een dubbele portie koekjes, en praten over de zes jaar die tussen haar eerste plaat La Llorona en het nieuwe The Living Road verschreden zijn. Die nieuwe cd is, net als de vorige, ronduit adembenemend. Ze maakt muziek die niet inhaakt op modes of trends; maar bezet het niemandsland waar chanson, folk, jazz, triphop en mariachi elkaar de hand reiken. "Ik ben niet in dit vak gestapt om snel snel een paar succesjes te boeken en dan weer te verdwijnen. De sprint interesseert me niet, mijn doel is de marathon. En na de vorige plaat moest ik gewoon weer even tot mezelf komen."
Was je onder de indruk van het succes dat de eerste cd te beurt viel?
"Absoluut. Het is niet zo dat ik de kluts kwijt was, ik wist niet eens dat ik er een had. Ik moest gewoon nog heel veel leren over hoe je een zangeres moet zijn. En dat zijn dingen die je alleen maar leert door het te doen. Het was wonderlijk om te zien dat het publiek me goed vond, wonderlijk en verwarrend tegelijk. Vergelijk het met verliefd worden. Eerst zit je ongeduldig af te wachten tot het gebeurt, maar als het dan zover is, besef je dat dat geen einddoel was, maar een begin. Er is geen happy ever after, geen 'en toen leefden ze nog lang en gelukkig'. Voor je het weet moeten er huwelijken geregeld, kinderen gemaakt en luiers ververst worden. Eens je je droom verwezenlijkt hebt, besef je pas hoeveel werk daarbij komt kijken."
Ben je zelf zo passioneel als de personages waarover je zingt?
"Maar natuurlijk. (lacht) Hoe kun je in godsnaam artiest zijn als je niet op passie drijft? Ik gooi mijn hele hart in de muziek, heb me er altijd helemaal in kunnen verliezen. Het is een enorm intense belevenis om 's avonds op dat podium te mogen staan en daar je hele ziel bloot te leggen, alle remmen los te gooien. De evolutie die ik in mijn muziek heb doorgemaakt, loopt gelijk met de weg die ik als mens heb afgelegd. Die twee gaan hand in hand."
Het is nooit bij je opgekomen om voor een conventioneler beroep te kiezen?
"Geen moment. Ik ben op mijn dertiende beginnen zingen. Dat was zo'n bevrijding dat ik me niet eens meer kon voorstellen hoe het zou zijn om - ik zeg maar wat - een kantoorbaantje te hebben. Het concept 'carrière' past niet in mijn wereldbeeld, en het is nooit de bedoeling geweest om met dat zingen veel geld te verdienen. Het enige dat ik wist, was dat ik me nooit zou kunnen engageren voor iets waar ik me niet met hart en ziel bij betrokken voel. Muziek was dus een voor de hand liggende optie, de énige optie eigenlijk."
Zelf ben je een Canadese met een Mexicaanse vader en een Amerikaanse moeder. Vond je het moeilijk om daar als tiener een eigen identiteit uit te puren?
"De tienertijd is voor iedereen een hel, maar laat ons zeggen dat de clash van die verschillende culturen het er voor mij zeker niet makkelijker op heeft gemaakt. Ik was verward, had het gevoel dat ik in een totaal isolement werd opgevoed. Ik merkte algauw dat ik niet dezelfde referentiepunten had als mijn leeftijdgenoten. Ik voelde me een outsider, had erg met mezelf te doen. Maar dat moet je niet opschrijven, want dat klinkt veel te pathetisch. (lacht)"
Vond je het vreemd om in een bus op te groeien die altijd naar een nieuwe bestemming onderweg was?
"Als kind dacht ik dat iedereen zo leefde, al merkte ik op de duur dat andere mensen me maar een rare vonden. Nu, zelfs dat was geen ramp. Ik had toch nooit tijd om diepgravende contacten op te bouwen. Eens ik iemand wat beter dreigde te leren kennen, werd het weer tijd om naar een volgende bestemming door te reizen. Ik leefde echt in een andere realiteit. Dat begon me eigenlijk pas te storen op het moment dat we ons ergens definitief gingen vestigen. Toen begon ik het ook belangrijk te vinden wat anderen van me dachten. Mijn familie was heel excentriek. Daardoor werd ik vaak gepest op school, vernederd zelfs. Ik week af van de norm, en dat lieten ze me heel goed merken."
In zekere zin heb je nu weer het leven waar je als kind al mee vertrouwd was. Op tournee woon je ook in een bus, reis je ook van de ene bestemming naar de andere. Alleen beslaat je traject nu alle uithoeken van de wereld.
"Er zijn parallellen, ja. Ik heb nu wel een vast adres, maar ik kijk er toch enorm naar uit om onderweg te zijn, om te zingen. Dat reizen heeft ook wel iets, vind ik. Die onophoudelijke reeks indrukken, de landschappen die aan je voorbij trekken, de vreemde culturen waarin je terechtkomt... Dat trekt me enorm aan. Toen we voor mijn eerste cd op tournee gingen, was het nieuw, kon ik wat me overkwam niet helemaal in het juiste perspectief plaatsen. Nu waardeer ik meer wat ik heb. Ik ben nu ook rustiger."
Je lijkt me een enorme controlefreak. Kun je dan wel echt met emoties bezig zijn op dat podium, of hou je voortdurend alles in de gaten wat eventueel mis kan lopen?
"(denkt lang na) Ik drink zelden of nooit alcohol, maar na een optreden van de vorige tournee had ik zoveel gedronken dat ik de ochtend nadien met een kanjer van een kater wakker werd. En natuurlijk moest ik de volgende avond alweer het podium op. Dat concert is een van de beste geworden die ik ooit gegeven heb. Het was alsof ik vloog. Ik voelde me compleet ontspannen, kon me nergens druk om maken, en zong gewoon zo goed als ik kon. Dat is een heel goeie les geweest. Niet dat ik nu elke avond bezopen op het podium ga staan, maar ik weet nu alleszins dat ik niet te veel mijn best moet doen. Want daar wordt het optreden niet noodzakelijk beter van."
Je eerste plaat stond vol Spaanstalige songs, nu heb je ook Frans, Portugees en Engels aan je palet toegevoegd. Hoe bepaal je wat je in welke taal zingt?
"Vergelijk het met een sprinkhaan die opspringt: ik vang hem, kijk ernaar en zie pas dan in welke taal hij tsjilpt. Zo gaat het ook met mijn liedjes. Voor La Llorona had ik ook al nummers in het Frans en het Engels klaar, maar toen heb ik er bewust voor gekozen een Spaanstalige plaat op te nemen."
Engels is je moedertaal, toch?
"Ja, maar Spaans is de taal die me bevrijd heeft. Ik ben tamelijk schuchter van aard, en in het Spaans kon ik me volledig laten gaan. Dat is een taal die voor drama staat en grote emoties. Eens ik me daar op mijn gemak bij voelde, vond ik de moed om ook Frans en Engels te bezigen."
Ik zou denken dat die beslissing veeleer door commerciële motieven is ingegeven. Engels en Frans zijn veel toegankelijker talen, je bereikt er per definitie een breder publiek mee.
"(schudt het hoofd) Om eerlijk te zijn, ik was bang dat mijn publiek me alleen nog in het Spaans wilde horen, omdat het exotisch klinkt, de verbeelding prikkelt. Maar ik wilde de uitdaging toch aangaan. Ik heb er geen moment bij stilgestaan dat ik mijn status daar in een aantal landen mee op kon krikken. Ik weet dat de Fransen nogal chauvinistisch van aard zijn, maar voor mij was dat niet de reden om plots in het Frans te gaan zingen. Dat zou prostitutie zijn, en ik ben geen hoer. Anders word je op de duur een pop waarvan anderen de touwtjes vasthouden. Ik probeer niet koortsachtig uit te vissen wat van me verwacht wordt. Ik luister alleen naar mezelf."
Kan het je dan iets schelen of je een publiek hebt of niet?
"Ja, dat wel natuurlijk. Ik wil niet tegen een muur staan zingen. Als morgen niemand mijn platen nog goed vindt, zal ik geen gat in de lucht springen. Ik wil een luisterend oor."
Maar je wil er geen compromissen voor sluiten?
"Voilà, dat is het. Dan blijft de voldoening zoveel groter. Let wel, ik zou het erg vinden mocht de cd floppen. Ik heb er veel tijd en liefde in gestoken, en wie kritiek heeft op wat ik doe, trapt eigenlijk een beetje op mijn eigen werk. (denkt lang na) Falen zou me hard vallen, al betwijfel ik of ik er genoeg van onder de voet zou zijn om echt te stoppen. Er zijn artiesten zat die pas na hun dood de erkenning hebben gekregen waar ze recht op hadden."
Je hebt nooit aan jezelf getwijfeld?
"Jawel. Toen ik nog in bars zong, bestond mijn publiek vrijwel uitsluitend uit lallende dronkaards. Geen kat luisterde naar mijn liedjes. Daar kon ik dan verschrikkelijk boos van worden. Pas achteraf heb ik begrepen dat mijn reactie verkeerd was. Want als ik goed genoeg was, zouden ze vanzelf wel beginnen luisteren. Niemand is verplicht om je goed te vinden, hé. Respect moet je verdienen. Als zangeres moet je de hand uitsteken naar het publiek. Je moet zo onweerstaanbaar zijn dat het publiek niet anders kan dan naar je te luisteren. Dat is dus mijn job, onweerstaanbaar zijn, een magneet. Als je dat niet bent, gaat het publiek zich meteen vervelen."
Een van je opvallendste nummers op is 'La Confession', waarin je je afvraagt of vrouwen wel sterk moeten zijn.
"Dat heb ik geschreven nadat ik bij een vriendin op bezoek was geweest. Ze gaf een feestje waarbij ze enkel haar 'sterke' vriendinnen had uitgenodigd. Vrouwelijke macho's, zeg maar. Ik was dus verbaasd dat ze me daar ook toe rekende, en ik voelde me ook helemaal geen deel van dat kliekje. Toen heb ik dat liedje geschreven als een soort tegenreactie. Ik ben niet zo zelfzeker, want ik weet dat ik vol tekortkomingen zit. Ik sta verward in het leven en heb regelmatig te kampen met een knoert van een schuldcomplex. Niet meteen karaktertrekjes waarmee je je lidmaatschap in de sterke-vrouwengilde veilig kunt stellen."
Nogal wat van je songs gaan over lijden en verlies. Geen vrolijke materie.
"Dat is waar, maar ik ben geen zielepoot. Ik voel gewoon meer de behoefte om te schrijven wanneer ik me down voel. Omdat ik weet dat dat me er weer bovenop zal helpen. Weet je, er zit een hele oceaan vol geschikt songmateriaal in elk van ons. Het enige wat je moet doen, is je heel erg concentreren om die nummers op te kunnen vissen. Ongemak blijkt daarbij een goede motor. Als je je niet goed in je vel voelt, begin je je automatisch af te vragen hoe dat komt. En de zoektocht naar het antwoord levert heel regelmatig interessant songmateriaal op."
Heb je wat over jezelf geleerd door nummers te schrijven?
"Ja."
Vertel.
"Oei. (lacht) 'Soon This Place Will Be Too Small' is een goed voorbeeld. In dat nummer ben ik er in geslaagd om een gevoel weer te geven waar ik al lang mee zat maar nooit verwoord kon krijgen. Het is eigenlijk mijn levensverhaal: waar kom ik vandaan, waar wil ik naartoe, wat vind ik mooi en waar wil ik met een boogje omheen lopen. Dat zit allemaal in die paar minuten muziek. Eens je je leven zo haarscherp geanalyseerd hebt, kun je de toekomst met vertrouwen tegemoet zien."


Heel vreemd, om dit precies 2 jaar na schrijfdatum te lezen. Maar door teksten als deze leeft Lhasa voort. Wanneer mensen dood zijn, worden sommige kleine details uit een interview plots tekenend, en grootse dingen banaal. THX 4 posting this!
BeantwoordenVerwijderenJan De Block